Pelgrimage is dit, als vanouds

Met gebedenboek en mobieltje naar de Westelijke Muur. Foto: © Alfred Muller
Met gebedenboek en mobieltje naar de Westelijke Muur. Foto: © Alfred Muller

Met Pasen en Pesach besef ik altijd weer dat het een voorrecht is om in Jeruzalem te wonen. Elk jaar ga ik dan een paar keer naar de Oude Stad.

Dat doe ik met de tram. De politie heeft namelijk wegen afgesloten en de enige manier om er te komen is lopend of met het openbaar vervoer. Het is in de stad aanzienlijk drukker dan anders.

Op de perrons bij de tramhaltes staan grote groepen religieuze Joden. En ja, het lukt. Met kinderwagens en al duwen de families zich naarbinnen tussen de Israëli’s en Palestijnen die zich al in het voertuig bevinden. De trambestuurder wacht wat langer dan anders om iedereen in te laten stappen. Niemand hoeft met de ellebogen de deuren van elkaar te houden.

Tien minuten later stap ik uit. Joden uit het hele land Israël en uit de diaspora bewegen zich in de richting van de Tempelberg. Ik onderscheid groepjes. Vaders en moeders die hun kinderen aan de hand vasthouden. Groepjes jesjive studenten. Een paar vriendinnen. Je kunt elkaar hier gemakkelijk kwijtraken. De meesten lopen nogal gehaast: niemand wil de priesterlijke zegen missen.

Op de route naar de Tempelberg bevinden zich de bedelaars en verkopers. „Chag sameach”, (Vrolijk feest) zegt in het Hebreeuws een moslima die tegen een reling zit en de hand uitgestrekt houdt. „Wilt u nog een horloge?” vraagt een man met allerlei uurwerken aan zijn arm.

In de Oude Stad staat een grenspolitieman door de megafoon te bulderen. „Dames en heren, rechtsaf voor de Westelijke Muur. Vrolijke feestdagen.” De dienders hebben wat nieuws bedacht: eenrichtingsverkeer voor voetgangers in de steegjes van de Oude Stad. Niemand heeft er wat aan als iemand in deze menigte platgedrukt wordt.

Voor de oude tempelmuur staan al tienduizenden mensen. In witte gewaden en met kleurrijke parasols boven het hoofd verschijnen de ”kessim”, de Ethiopische geestelijke leiders. De oproerpolitie baant de weg voor een auto die stapvoets door de menigte rijdt. Dat zal een beroemde geestelijk leider zijn. De enige manier waarop ik vooruit kan komen is door pal achter een stevig persoon aan te lopen.

Even later zwijgt de menigte. Mannen trekken hun gebedsdoeken over het hoofd en hun kinderen scharen zich daaronder. Velen bidden, anderen steken hun hand hoog in de lucht om met de mobiele telefoon te kunnen fotografen. De stem van de cantor schalt over het plein. „De Heere zegene u en behoede u!” Pelgrimage is dit, als vanouds.

(Verschenen in de serie ‘Post Uit’ in RD.nl

One Comment

Add yours →

  1. Dat moet ik nog een keer meemaken.

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: