Voor rabbijn Miller betekent Pesach: op adem komen

Pesach begon maandagavond. Voor rabbijn Eliezer Miller betekent de periode rond het feest dat hij kan uitrusten. „Ik ga thuis zitten en me lekker ontspannen.”

Pesach is het Joodse feest van de ongezuurde broden. Dinsdag was het een rustdag in Israël, net als de sabbat. Dat wil zeggen dat winkels en kantoren gesloten waren. Er was geen openbaar vervoer, maar de taxi’s reden wel. Het feest duurt een week en het wordt volgende week maandag weer afgesloten met een strikte rustdag.

Veel Israëliërs zijn op vakantie in eigen land of in het buitenland. Anderen, zoals winkeliers, werken op de tussenliggende dagen alleen ’s morgens. Sommige burgers plakken nog enkele vakantiedagen aan Pesach vast.

De zegen van Aharon

Jeruzalem is dezer dagen vol Joodse en christelijke toeristen en pelgrims. Deze week trekken tienduizenden Joden naar de Westelijke Muur om de gebeden uit te spreken. Joodse pelgrims willen ook de zegen van Aharon (Aäron) niet missen, die wordt uitgesproken door Joden uit het priesterlijk geslacht. Andere burgers gaan tijdens de vrije dagen rond Pesach naar de dierentuin, musea, het strand of de winkelcentra.

Maar rabbijn Eliezer Miller wil deze week op adem komen. Hij werkt in twee jesjiva’s (Talmoedscholen). „Ik sta ’s morgens vroeg op om op de eerste school les te geven. ’s Middags ga ik naar de andere school, waar ik tot halfelf  ’s avonds werk.”

Het voorjaarsuitstapje heeft hij al gehad. Twee week geleden ging hij met de jesjivastudenten naar de bron van Yavne’el. Ze deden de sportschoenen aan, de colberts uit en liepen langs een beekje door de bergen naar een bron met een meertje. „Daar zie je de prachtige wereld die God gemaakt heeft. Heel speciaal.”

Vervolgens gingen ze naar  het Meer van Galilea. „Ik was rabbijn in een rehabilitatiecentrum voor gevangenen. Een van hen is nu vrij. Hij heeft ons daar ontvangen.”

Twaalf kinderen

Miller zou 35 mensen voor de seider ontvangen. Dat is de maaltijd aan het begin van het Pesachfeest. „Ik heb, net als onze vader Abraham, twaalf kinderen. Dat is niet veel. Het zijn allemaal gezonde, lieve kinderen. Zes van hen zijn getrouwd en vijf wonen er thuis. Een zoon studeert op een jesjiva. De zes niet getrouwden en twee getrouwde dochters met hun gezinnen komen op de seideravond bij ons. Dan zijn er nog twee andere echtparen en vijf vrijgezelle dames.”

Ook Millers 81-jarige moeder was te gast. Vorige week heeft hij haar van de luchthaven gehaald. Zijn moeder heeft negen kinderen en zeventig kleinkinderen. Ze houdt in haar gezin alle geboortes, huwelijken, bar mitswa’s (de feestelijke ceremonie als een jongen dertien jaar wordt en uit de Thora leest) en bruiloften bij. „Als ze een e-mail stuurt schrijft ze: die en die en die kleindochter heeft een baby gekregen. Het bijhouden van de uitbreiding van de familie is een voltijdse baan.”

Naast de lange eettafel in Millers huiskamer staat de boekenkast met commentaren op de Joodse wet. Aan de andere kant hangen foto’s van enkele voorouders aan de muur, onder wie ook de grootvader van een overgrootmoeder.

Matzes

Het hele huis is voor Pesach kosjer gemaakt. Over de tafel en het aanrecht –met gescheiden zinkbakken voor melk- en vleesgerechten– heeft zijn vrouw kokend water gegoten en heeft het aanrecht is bedekt met lagen plastic. Op de keukenkasten staan de dozen met matzes. Deze platte broden zonder gist, onder speciaal toezicht gemaakt, kosten ongeveer 25 euro per doos. Voor de dozen met handgemaakte matses heeft hij meer dan 50 euro per stuk betaald.

Economisch is het niet altijd gemakkelijk voor de ultraorthodoxen. Maar de rabbijn maakt zich geen zorgen en is vol vertrouwen op God. Zijn devies is: nooit schulden maken buiten de hypotheek om. Zijn kinderen hebben allemaal huizen gekocht met hypotheken, zodat de familie geen geld verspilt aan huren. Hij maakt nooit schulden en heeft een eenvoudig huis „vol leven.” Zijn vrouw heeft trouwens ook werk als doula. Dat betekent dat ze vrouwen assisteert na de bevalling. In hun kinderrijke en religieuze Makor Baruch wijk in Jeruzalem zijn geboortes aan de orde van de dag.

„We leven voorzichtig, verspillen geen geld en genieten van het leven. De talmoed scherpt het verstand. In de winkel weten we wat we wel of niet moeten kopen. Een student op de jesjiva zei: „Hebt u niet een keer een nieuw colbert nodig?” Ik zei: „Als God het wil, zal hij mij het geld geven.””

%d bloggers liken dit: