Hebreeuws dominante taal in tijd van Jezus

In 2005 interviewde ik de nieuwtestamenticus David Bivin voor het blad Israël Aktueel.

We spraken onder meer over de plaats van het Hebreeuws in de tijd van Jezus en de bronnentheorie van Robert Lindsay, de oprichter van de beroemde Narkis Straat Gemeente in Jeruzalem.

Hier volgt het artikel in zijn geheel. De zaken die zijn achterhaald spreken voor zich.

David en Josa Bivin.

MAOZ ZION – “We tellen onze reizen door het aantal bedden waarin we slapen te tellen. Of het aantal vluchten. Soms zijn het 25 vluchten in drie tot vier maanden.”

David Bivin en zijn vrouw Josa wonen in Maoz Zion, een plaatsje in de bergen net buiten de stad Jeruzalem. Hij en Josa leiden een klein onderzoeksinstituut, genaamd Jerusalem Perspective. Dat instituut houdt zich bezig met onderzoek naar de Hebreeuwse achtergronden van het leven en de woorden van Jezus.

Bivin (66), een oorspronkelijk uit Oklahoma afkomstige christen, studeerde zes jaar lang op de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem bij fameuze professoren. David Flusser, Menachem Stern,Shmuel Safrai en Yechezkel Kutscher doceerden Joodse geschiedenis en Joodse literatuur, Yigal Yadin en Yohanan Aharoni archeologie.

Hij sloeg verder nog privé de studieboeken open met de christen-wetenschapper en voorganger Dr. Robert L. Lindsey. Lindsey stelde dat Matteüs en Lucas, en misschien ook Marcus, vertrouwd waren met een Griekse vertaling uit het Hebreeuws van een bloemlezing van Jezus’ woorden en daden. Zijn theorie tracht het synoptisch probleem op te lossen. Dat probleem heeft betrekking op de volgorde waarin Matteüs, Marcus en Lucas geschreven zijn en de bronnen die ze hebben gebruikt.

Lindsey’s bronnentheorie werd door een aantal Israëlische wetenschappers geaccepteerd, waaronder Flusser. Deze wetenschappers werkten samen in de Jeruzalem School voor Synoptisch Onderzoek en ze publiceerden hun artikelen onder meer in Bivins Jerusalem Perspective.

Geavanceerde studenten

Elk jaar gaan Bivin en zijn vrouw Josa enkele maanden op reis naar het buitenland om studieprogramma’s te leiden. “Ik heb enkele tientallen zeer geavanceerde studenten ontwikkeld onder de leken”, zegt Bivin. “Soms zit er een wetenschapper bij, maar meestal zijn het gewone, geïnteresseerde christenen. Ik heb wel eens navraag gedaan: het bleek dat meer dan de helft van de klas computerprogrammeurs of technici zijn. Ze kunnen niet uitstaan dat de problemen onopgelost blijven. Ze houden van het synoptisch probleem en ze proberen dat op te lossen. Ze werken hard. Sommigen hebben grotere bibliotheken dan ik heb. Ze lezen al de boeken en die herinneren ze zich.”

Vijftien tot twintig mensen wonen de workshops bij. Zeven uur per dag, op vrijdag en zaterdag. De tafels staan in een kring en iedereen neemt boeken mee. Allen hebben bij een synopsis bij zich, waarin de teksten van Matteüs, Marcus en Lucas naast elkaar staan. Ze zoeken kleine verschillen in de woorden van Matteüs, Marcus en Lucas. Ze vragen: zijn de verschillen belangrijk? Wat zei Jezus als een uitdrukking van Jezus in het Grieks wordt overgeplaatst naar een oorspronkelijk Hebreeuwse uitdrukking?

De tien geboden in een oud Hebreeuws schrift.

Levende taal

Bivin zegt dat er een belangrijke verandering van denken heeft plaatsgevonden in de afgelopen twintig jaar onder de belangrijkste wetenschappers, die het Hebreeuws, Aramees en Grieks machtig zijn. Zij gaan er van uit dat Hebreeuws, en dus niet Aramees, de dominante taal was in de tijd van Jezus.

Professor M.H. Segal van de Hebreeuwse Universiteit suggereerde al in 1909 dat het Hebreeuws van de Mishnah de eigenschappen vertoonde van een levende taal en dat de Joden in de tijd van Jezus het Hebreeuws gebruikten als hun primaire spreek- en schrijftaal. Segal bleek gelijk te hebben toen de brieven van Bar Kochbah werden gevonden, aldus Bivin. Bar Kochbah was de leider van de tweede Joodse opstand van 132-135 A.D.

Bivin: “In het jaar 135 was het Hebreeuws een levende taal. Zeven brieven van Bar Kochbah waren in het Aramees , zeven in het Hebreeuws. In Qumran werd geen targoem [vertaling in het Aramees] gevonden. Dat betekent dat ze daar geen vertaling in het Aramees nodig hadden om de Bijbel te begrijpen. Ook de Dode Zeerollen laten zien dat het Hebreeuws een gesproken taal was. Vaak volgden de schrijvers hun eigen dialect. Dat het Hebreeuws de dominante, levende taal was, wordt nu algemeen in Israël aangenomen.”

Onderlegd

Shmuel Safrai wees er volgens Bivin op dat de Joodse bevolking in de tijd van Jezus zeer onderlegd was. “Ongeveer 90 procent van de mensen hadden een opleiding. Ongeveer 5 tot 10 % had het Aramees als moedertaal. Degenen die Aramees spraken behoorden in het algemeen tot de lagere sociaaleconomische strata. Ze waren degenen die meer contact hadden met de Aramese niet-joodse bevolking van het land. Als je in de talmoed een uitdrukking hebt in het Aramees, kun je ergens anders de Hebreeuwse uitdrukking vinden. Alle gelijkenissen zijn in het Hebreeuws. Zelfs als de context Aramees is, is de gelijkenis zelf in het Hebreeuws. Raad eens in welke taal Jezus zijn gelijkenissen onderwees?”

“Het is goed mogelijk dat al Zijn onderwijs in het Hebreeuws was. De toespelingen en midrasj [Joodse uitleg van de Schrift] van Jezus zijn alleen te volgen met een kennis van het Hebreeuws. Zijn gehoor kon hem volgen omdat deze grote kennis van het Hebreeuws en de gesproken thora had. In de tijd van Jezus begonnen de kinderen de Bijbel te bestuderen toen ze vijf jaar oud waren. Toen ze tien waren kenden ze het boek uit hun hoofd. Daarna moesten de meesten op de boerderij werken. Maar de meesten gingen door met de studie van de gesproken thora tot ze de leeftijd hadden bereikt van vijftien. Ze konden grote hoeveelheden materiaal opnemen en onthouden. Als ze een jaar of 15, 16 waren, gingen ze verder studeren bij een beroemde leraar of rabbijn. De mensen kwamen op Jezus af omdat ze Zijn speciale benadering van de thora wilden horen. Zelfs de boeren kenden de Schrift uit hun hoofd en ze wisten veel van de gesproken thora. Ze gingen elke avond na het werk verder met de studie.”

Wie er mee rekent dat Jezus Hebreeuwse idioom gebruikt, werpt een ander licht op de interpretatie van bijbelteksten. Jezus spreekt bijvoorbeeld over het heldere oog en het troebele oog. (Matteüs 6:22). In het Hebreeuws betekent het hebben van een mooi oog zelfs vandaag nog: genereus zijn. Bivin: “Jezus zegt: als je vol wilt zijn van de Heilige Geest, neem dan je portemonnee en geef aan de armen. Dat behoort tot het getuigenis. Wij laten de liefde van God zien, door God te imiteren als Iemand die genereus is en vergevend is en die Zijn regen geeft aan de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen.”

Van David Bivin komt in oktober een nieuw boek uit, getiteld New Light on the Difficult words of Jesus (Nieuw licht op de moeilijke woorden van Jezus). Het boek is een collectie van artikelen. Populair wetenschappelijk geschreven maar met veel voetnoten. Het zal worden uitgegeven door En-Gedi Resource Center in de plaats Holland in Michigan in de VS.

4 Comments

Add yours →

  1. N. v.d. Want 29 Dec 2010 — 11:04

    Geachte heer Muller,

    Kunt u mij zeggen of het nieuwe nederlandse boek van Bivin al is verschenen, en waar het te bestellen is.

    Met vriendelijke groeten,

    ds. N. v.d. Want
    Schiedam

    • Geachte ds. v.d. Want,

      Het boek van David Bivin “New Light on the Difficult Words of Jesus: Insights from His Jewish Context” is vertaad in verschillende talen, maar helaas niet in het Nederlands. Jammer, want er zou denk ik een groot lezerspubliek voor zijn.

      De engelse editie is te bestellen via Amazon. De gegevens zijn:

      Publisher: En-Gedi Resource Center (September 1, 2005)
      ISBN-10: 0974948225
      ISBN-13: 978-0974948225

  2. josweeterings. 25 Mrt 2011 — 18:31

    eenvriend is op vakantie rondreis Israel,hoe kan ik hem bij thuiskomst in Hebreeuws met:
    WELKOM THUIS,uit ISRAEL!
    verwelkomen?
    graag een reactie a.u.b.

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: