Met de vlag op stap

Een grote mensenzee loopt langs de muren van Jeruzalem. De wandelaars gaan met de blauwwitte Israëlische vlag op stap. Ze dragen deze aan beige stokken of op de rug.

De stoet gaat op Onafhankelijkheidsdag van het Safraplein voor het stadhuis in het centrum van Jeruzalem langs de west- en zuidzijde van de Oude Stad in de richting van de Westelijke Muur . Onder de wandelaars bevinden zich ook tal van Joodse groepen uit het buitenland. De vlag is sinds jaar en dag een manier om loyaliteit aan of identificatie met de staat Israël uit te drukken.

De vlag is tijdens Onafhankelijkheidsdag overal aanwezig. Israëliërs bevestigen deze aan de ramen van hun auto’s, aan de rolluiken van hun ramen of gewoon aan het balkon. In de bus staat hij voor de chauffeur op het dashboard. En tijdens  de Onafhankelijkheidsdag komt ook de zachte, met lucht gevulde hamer-met-vlag tevoorschijn om anderen op het hoofd te timmeren.

Krachtig

Joodse leiders namen in 1948 een goed besluit door voor deze vlag te kiezen, die door zijn eenvoud en heldere kleuren krachtig spreekt. De discussie over welke vlag het zou moeten worden, heeft destijds zes maanden geduurd. Ten slotte gaf de Voorlopige Raad van de Staat een precieze beschrijving van hoe de vlag er uit moest zien en wat de verhoudingen moesten zijn.

De filosoof-historicus Gershom Scholem (1897-1982) schreef dat gedurende de Joodse Emancipatie (tussen het einde van de 18e en het begin van de 20e eeuw)  het zelfbewustzijn van de Joden groeide. Zij kregen meer burgerrechten. En ze kregen ook  behoefte  aan een eigen symbool, zoals christenen het kruis hadden. De zeshoekige ster werd vanaf de negentiende eeuw veelvuldig gebruikt. Hij verscheen ook in synagogen en op rituele voorwerpen. De ster werd ook het embleem van de zionistische beweging.

De twee blauwe strepen op de vlag doen denken aan de strepen die zich op de talliet (het Joodse gebedskleed). Aan de kleur werden, aldus de kunsthistoricus Alec Mishory, symbolische betekenissen toegekend.

De kleur van Aärons staf

Rabbijn Meir zei dat de kleur deed denken aan de lucht. Rabbijn Judah ben llai dacht op zijn beurt dat de kleur van Aärons staf en de stenen tafelen lichtblauw waren.

De eerste persoon die het idee opperde dat blauw en wit de nationale kleuren van het Joodse volk moesten worden was Ludwig August Frankl. Hij sprak dertig jaar voor het Eerste Zionistische Congres in Basel in 1897 over „Juda’s kleuren.”

De Israëlische vlag vormt zo een soort van balans. De ster verwijst naar het volk. Maar deze staat ingebed tussen de strepen, die refereren aan de godsdienst. En dat allemaal in kleuren die doen denken aan het hogere.

Elke week in RD.nl: Israël Ingezoomd. Commentaar over Israël vanuit Israël zelf.
%d bloggers liken dit: