„Druzen in Syrië kunnen zichzelf verdedigen” 

De druzen in Zuid-Syrie kunnen zichzelf verdedigen tegen de aanvallen van IS en andere rebellengroepen. Militaire hulp  van Israël hebben ze niet nodig. Dat zegt de Israëlische viceminister voor Regionale Samenwerking en Likud Knessetlid Ayoub Kara.

De druzen in Israël zijn een hulpactie begonnen om hun in het nauw geraakte broeders aan de andere zijde van de grens te helpen. „De laatste weken hebben we ongeveer tien miljoen sjekel (2,4 miljoen euro) ingezameld”, zegt Kara. „Het geld is via Jordanië naar de leiders van de druzen in Syrië gebracht. Ze krijgen medicijnen, voedsel en andere dingen die ze nodig hebben. Daar gaan we mee door. De support is niet militair. We willen geen oorlog om ons heen. We gaan niet vechten in Syrië.”

Kara wilde zich niet uitlaten over de vraag of Israël een bufferzone aan de Syrische zijde van de grens wil oprichten voor vluchtelingen. Ook wilde hij niet zeggen of hij overleg heeft gevoerd met de Israëlische premier Benjamin Netanyahu en de minister van Defensie Moshe Ya’alon over openstelling van de grens, zodat druzen naar de Israëlische zijde van de Golan kunnen vluchten.

Knessetlid en minister voor Regionale Samenwerking. Ayoub Kara, staat de pers te woord. Foto's: © Alfred Muller
Knessetlid en viceminister voor Regionale Samenwerking, Ayoub Kara, staat de pers te woord. Foto: © Alfred Muller

Chefstaf

Kara zegt dat de druzen in de provincie Suweida en in het dorp Hadar dichtbij de grens met Israël, zich in de steek gelaten voelen door het leger van president Hafez al-Assad. Hij gelooft dat de druzen in Libanon aangewezen zijn om de druzen in Syrië militair te helpen. „Ik vertelde Walid Jumblatt: genoeg gepraat. Zend soldaten om je broeders te helpen. Spreek niet meer tegen Israël, maar doe je mond open over de islam en de islamisering. Israël is geen deel van dit conflict.”

Kara zegt dat druzen zich tot hem wenden, omdat ze hem als een leider van de druzen beschouwen. In die positie helpt hij ze dan ook, en niet in die van Israëlische viceminister. Hij hoopt over enkele dagen naar Turkije te reizen om te kijken hoe de druzen in Idlib in Noord-Syrie kunnen worden geholpen. Deze hebben zich onder druk van de rebellen tot de islam bekeerd. „Tot nu toe is er voor hen geen oplossing gevonden. Het is niet gemakkelijk om hulp te bieden vanuit Turkije.”

Jordanië

Enkele dagen geleden was Kara nog in Jordanië. „We zijn het met de Jordaniërs eens geworden dat zij alle druzen, christenen en andere minderheden die de grens over willen steken, zullen accepteren. Jordanië heeft slechts zes of zeven miljoen inwoners, maar ze hebben al twee miljoen vluchtelingen opgevangen. Daar heb ik respect voor. Israël zal de 50 miljoen kubieke meter water die Jordanië ontvangt uit het meer van Tiberias, verdubbelen.”

De viceminister gelooft dat landen die de Syrische minderheden in de strijd tegen IS helpen, zichzelf helpen. „Ze zeggen duidelijk dat het noodzakelijk is dat de hele wereld islamitisch wordt. Ze zullen niet stoppen met Syrië, maar ze willen doorgaan met Europa en de Verenigde Staten. Israël vormt nu het front van de vrije wereld. Maar niemand weet waar ze gaan stoppen. Dit wordt de Derde Wereldoorlog.”

Migratie

De migratie uit Syrië naar het zuiden begon enkele honderden jaren geleden al. Momenteel wonen er op het Karmelgebergte in Israël ongeveer 30.000 druzen, in Galilea 80.000 en op de Golan Hoogte ongeveer 20.000. Kara traceert zijn familiewortels in Idlib in het noorden van Syrie. Dat geldt ook voor de meeste andere druzen die op de Karmel wonen.

Druzen stellen zich loyaal op tegenover het regime waaronder ze leven. De druzische jongemannen in Israël dienen in het leger. De 20.000 druzen op de Golan voelen zich echter Syriër. Maar de druzen voelen zich ook met elkaar verbonden. Druzen in Israël, in Libanon, en in Jordanië willen nu de druzen in Syrië te hulp schieten.

Foto boven: Druzen op weg naar een demonstratie voor hun broeders en zusters in Syrië. Foto’s: © Alfred Muller 

%d bloggers liken dit: