De hoge prijs van politieke stilstand

Voor Israëliërs en Palestijnen was 2015 het jaar van de politieke stilstand. De afgelopen maanden hebben aangetoond hoe gevaarlijk die situatie is. Helaas is er geen uitzicht op verbetering, wel op verslechtering.

Al in 2014 deden zich twee belangrijke ontwikkelingen voor die hun stempel zouden zetten op de gebeurtenissen in 2015. De eerste was de mislukking van het vredesproces. In april 2014 sloten Israëliërs en Palestijnen zonder succes een periode van negen maanden intensieve onderhandelingen over een permanente oplossing af.

De tweede belangrijke gebeurtenis in 2014 was de oplaaiing van het geweld. Eerst vermoordden Palestijnse terroristen drie ontvoerde Israëlische jongens op de Westelijke Jordaanoever, daarna ontvoerden en verbrandden Israëlische terroristen een Palestijnse jongen in Jeruzalem. Het leger arresteerde op grote schaal Hamasactivisten op de Westoever.

In juli 2014 startte het leger ”Operatie Beschermende Rand” tegen Hamas en andere milities om een einde te maken aan beschietingen vanuit de Gazastrook. Deze oorlog kostte zeker 2000 Palestijnen en 73 Israëliërs het leven. Het aantal aanslagen tegen burgers nam toe. In de winter van 2014-2015 werd het iets rustiger, maar afgelopen zomer en zeker vanaf oktober ging het weer helemaal mis.

Israël schoof intussen verder op naar rechts. In januari gingen Israëliërs naar de stembus. Dat leidde tot een overwinning voor de Likud van Benjamin Netanyahu. Deze vormde een rechts-religieuze coalitie met de Joods-orthodoxe partijen, de gematigd rechtse Kulanu van Moshe Kachlon en het ultrarechtse Joodse Huis van Naftali Bennett. Bennett biedt Netanyahu geen bewegingsvrijheid tegenover de Palestijnen. Dat zou namelijk de ineenstorting van de coalitie betekenen.

Vredesproces muurvast

Dat het vredesproces muurvast bleef zitten, is overigens mede te wijten aan de Palestijnse leider Mahmud Abbas. Deze weigerde de onderhandelingen met Israël te herstarten als Israël niet aan een aantal voorwaarden zou voldoen, zoals vrijlating van Palestijnse gevangenen en bevriezing van de bouw in nederzettingen.

Onbegrijpelijk is Abbas’ houding niet. Palestijnen hebben met tussenpozen al meer dan twintig jaar met Israëliërs onderhandeld. Het Palestijnse publiek gelooft dat de vredesbesprekingen zijn mislukt en dat verder onderhandelen geen enkele zin meer heeft. Sommige Palestijnen zien de Palestijnse Autoriteit zelfs als collaborerend met de vijand. Abbas zou zijn gezicht verder verliezen als hij de onderhandelingen voortzet zonder dat daar wat tegenover staat.

Abbas bleef de strijd wel op een andere manier voortzetten, namelijk via diplomatie. Hij tekende in december 2014 het Statuut van Rome. Dat is het verdrag dat ten grondslag ligt aan het Internationaal Strafhof (ICC). Palestijnen kunnen daar proberen Israëliërs te vervolgen voor oorlogsmisdaden. Afgelopen januari liet aanklager Fatou Bensuda weten een onderzoek in te stellen naar vermeende oorlogsmisdaden in de Gazaoorlog van 2014. Zij heeft nog geen uitspraak gedaan over eventuele vervolgstappen.

De Palestijnse Autoriteit keerde zich ook tegen de indirecte afspraken die Israël en Hamas probeerden te maken. De contacten tussen beide vijanden, die volgens persberichten via Turkije en de Britse oud-premier Tony Blair liepen, waren niet over een vredesregeling, maar over een staakt-het-vuren voor vijf of hooguit tien jaar. Beide partijen zouden overleg hebben gevoerd over het opheffen van de blokkade van Gaza, in ruil voor stopzetting van raketbeschietingen op Israël. Officieel werd er niets bereikt en raketten blijven af en toe komen, al kunnen deze ook van andere milities zijn.

Handhaving status quo

Officieel is Netanyahu voor een gedemilitariseerde Palestijnse staat die Israël als Joodse staat erkent, maar hij deed zijn best de status quo te handhaven. Dat wil zeggen: hij streeft niet naar een tweestatenoplossing (Israël naast Palestina), niet naar de eenstaatoplossing (één seculier-democratische staat voor zowel Joden als Arabieren), maar naar de voortzetting van de bestaande situatie. Wat hij volgens insiders vooral belangrijk vindt, is dat hij aan de macht blijft en dat zijn coalitie dus blijft bestaan.

Aan de stagnatie is echter een prijs verbonden, die niet door politici maar door burgers wordt betaald. In de zomer begon de situatie langzaam maar zeker te verslechteren. Palestijnen klaagden over aanvallen van militante bewoners van de Joodse nederzettingen. Deze beschadigden boomgaarden, vielen hen met stenen aan en brachten leuzen aan op huizen en moskeeën. Een dieptepunt deed zich voor op 31 juli. In het plaatsje Duma ging het huis van de familie Dawabsheh in vlammen op. Vader en moeder en hun achttien maanden oude zoontje bezweken aan de brandwonden. Slechts één zoontje heeft het drama overleefd. De daders zijn nog steeds niet veroordeeld, maar ze zouden inmiddels wel zijn opgespoord.

Tegelijkertijd echter bleef de veiligheidssamenwerking tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit bestaan. Ook traden de Palestijnse veiligheidstroepen op tegen de radicale islamitische Hamasbeweging. De Palestijnse president denkt dat terreur de Palestijnen niet helpt en slechts het imago van de Palestijnse Autoriteit schaadt.


Golf van terreur

In oktober steeg het aantal geweldsincidenten snel. Palestijnse milities schoten raketten vanuit Gaza af, rellen braken uit in Jeruzalem en op de Westelijke Jordaanoever, Israëlische Arabieren demonstreerden en Palestijnse terroristen reden met auto’s op Israëliërs in of staken hen met messen. In sommige gevallen waren de messentrekkers minderjarig.

Een aantal factoren heeft tot de escalatie geleid. De eerste is het idee dat Israël bezig is de status quo op de Tempelberg te veranderen. Deze berg, waarop vroeger de eerste en de tweede Joodse tempel stonden, is ook een heilige plaats voor de moslims. Moslims noemen deze plek Haram al-Sharif (de edele omheining) en geloven dat hun profeet Mohammed vanaf deze plaats een nachtelijke reis naar de hemel maakte.

Enkele Israëlische politici hebben inderdaad gepleit voor veranderingen van de regelgeving op de heilige berg, maar zij hebben niet de steun van premier Netanyahu. Er is niets veranderd, al nam het aantal Joodse bezoekers toe. Sommigen van hen hebben gezegd dat Joden gebedsrechten moeten krijgen.

Deskundigen zijn het er verder over eens dat de uitzichtloze politieke situatie en de slechte sociaaleconomische omstandigheden van de Palestijnen ook bij hebben gedragen aan het geweld. De daders voelen dat ze niets hebben te verliezen.

Een andere belangrijke factor is de ophitsing tot geweld in de Palestijnse media en op sociale media. De daders worden gezien als helden. Als ”martelaren” verdienen zij een ereplaats – ook al hebben ze er zelf niets meer aan. Het antwoord van de regering-Netanyahu op de golf van geweld bestond uit het nemen van meer veiligheidsmaatregelen.

Een poging van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry, beide partijen stappen te laten zetten die de sfeer moesten verbeteren, is mislukt.


Hamas is voorbereid op nieuwe ronde

Israël en Palestina gaan 2016 binnen zonder uitzicht op verbetering van de situatie. Er is alle kans dat het geweld het komende jaar aanhoudt of verergert.

Hamas in de Gazastrook heeft zich voorbereid op een nieuwe gevechtsronde met Israël. Dat wordt dan de vierde sinds 2008. Het stelsel van aanvalstunnels zou zijn hersteld. Hamas zal mogelijk drones willen gebruiken als alternatief voor raketten. Die hebben namelijk weinig succes: het Israëlische raketschild haalt ze uit de lucht voordat ze steden kunnen treffen.

Met een nieuwe confrontatie is ook diplomatieke schade aan Israël verzekerd. Het aantal slachtoffers in Gaza zal opnieuw oplopen omdat de Palestijnse strijders deze raketten afschieten vanuit dichtbevolkte gebieden. Dat biedt Hamas de kans zijn slachtofferdoctrine verder te ontwikkelen.

De humanitaire situatie in Gaza blijft slecht. Jihadorganisaties zeggen dat de methode van Hamas niet werkt. Zij geloven dat er een veel hardere respons tegenover Israël noodzakelijk is. Vooralsnog kan Hamas de kritiek naast zich neerleggen. De organisatie zit namelijk nog steeds stevig in het zadel.

Dit artikel verscheen in het Reformatorisch Dagblad op 28 december 2015.


Foto boven: Israëliërs van de organisatie Tag Meir brengen een bezoek aan het in brand gestoken huis van het Palestijnse gezin Dawabsheh in Duma op de Westelijke Jordaanoever. Beide ouders en een van de kinderen kwamen om. Een van de andere kinderen raakte zwaargewond. Foto: met dank aan Tag Meir.

%d bloggers liken dit: