Valt een oorlog in Gaza nog te voorkomen?

De gemoederen tussen Israël en Hamas zijn de laatste maanden hoog opgelopen. Geen van beide partijen heeft belang bij een oorlog, maar het Israëlische leger bereidde zich al voor op een mogelijke inval in Gaza.

Israël kwam vorige week, onder druk van eigen bevolking, met een reeks strafmaatregelen om Hamas op de knieën te dwingen. Het was een reactie op blijvende vijandelijkheden vanuit de Gazastrook, zoals het oplaten van brandende vliegers en ballonnen om Israëlische gewassen te vernietigen.

Op zaterdag 14 juli kwam het tot een hevige confrontatie toen Hamas 200 raketten en mortieren op Israël afvuurde, terwijl de Israëlische luchtmacht Hamasdoelen in de Gazastrook met bommen bestookte.

Goederenvervoer

Israël sloot Gaza twee week geleden af voor goederenvervoer, met uitzondering van voedsel en medicijnen. De Gazanen kunnen geen textiel- of landbouwproducten meer exporteren. Ook heeft het leger de omvang van de zone waar Palestijnen mogen vissen verder beperkt.

Het ministerie van Defensie kondigde vorige week bovendien aan tot zondag geen brandstof meer toe te laten tot de Gazastrook. Dat gebeurde op dezelfde dag dat premier Benjamin Netanyahu voor het eerst tijdens deze crisis een bezoek bracht aan de stad Sderot, vlak bij de Gazastrook. Hij zei dat er geen sprake kan zijn van een staakt-het-vuren als Gaza de inzet van de vliegers en ballonnen niet staakt.

Israëlische media lieten daarnaast weten dat het leger druk bezig is met oefeningen om de Gazastrook weer in te nemen.

Onenigheid

Als het gaat over de aanpak van de situatie is niet iedereen in Israël het met elkaar eens. Illustratief daarvoor is een aanvaring tussen de rechts-radicale minister van Onderwijs, Naftali Bennett (Joodse Huis), en de chef-staf van het Israëlische leger, Gabi Eisenko, vorige week zondag tijdens een bijeenkomst van het nationale veiligheidskabinet.

Bennett vroeg zich volgens Israëlische mediaberichten af waarom het leger niet gewoon iedereen doodschiet die de vliegers en ballonnen op wil laten. Eisenkot vroeg hem of hij wil dat de luchtmacht bommen gooit op de cellen die de ballonnen en vliegers gebruiken. Toen Bennett bevestigend antwoordde, reageerde Eisenkot: „Dat gaat tegen mijn operationele en morele standpunten in.”

De discussie legt de onenigheid tussen de regering en het leger bloot. De regering gelooft dat steeds hardere maatregelen tegen Gaza Hamas op de knieën kunnen dwingen. Het leger is zich echter bewust van de beperkingen van militaire macht. Toch heeft het de verplichting om de opdrachten van de regering uit te voeren.

Kritiek

Behalve druk op de Israëlische regering om ervoor te zorgen dat er een einde komt aan de aanvallen vanuit Gaza is er ook kritiek op de genomen maatregelen. De Israëlische mensenrechtenorganisatie Gisha eiste in een brief aan premier Benjamin Netanyahu en defensieminister Avigdor Lieberman dat de regering alle sancties tegen de burgerbevolking in Gaza officieel publiceert. Zo is er een publiek debat over mogelijk.

„De moedwillige en lukrake schade aan landbouwgrond in Israël is kolossaal en betreurenswaardig”, schreef de directeur van Gisha, Tania Hary, vorige week in de brief. „Er is geen onenigheid over de vraag of er actie ondernomen moet worden om dit te stoppen. Maar het kan de afsluiting van de belangrijkste commerciële grensovergang van de Gazastrook niet rechtvaardigen.”

Ze wijst erop dat de hele bevolking, inclusief ouderen, kinderen en zieken, er de dupe van is. De besluiten van de regering houden volgens Gisha een collectieve straf in tegen een burgerbevolking die al onder extreem moeilijke levensomstandigheden lijdt. „Zowel de Israëlische als de internationale wetgeving verbiedt onvoorwaardelijk en ondubbelzinnig het gebruik van collectieve straffen. We dringen er bij u op aan de restricties op het goederenverkeer op te heffen en verdere maatregelen te vermijden.”

Oorlogsstrategie

Duidelijk is dat beide partijen een oorlog het liefst zullen willen vermijden. Hamas loopt met een oorlog namelijk het risico om de controle over de Gazastrook te verliezen, terwijl Israël vreest voor veel slachtoffers. Het is voor Israël dan bovendien vrijwel onvermijdelijk om Palestijnse slachtoffers te maken, met zware internationale kritiek tot gevolg.

Ondanks dat bereidt het Israëlische leger zich hoe dan ook voor op een inval in Gaza. Strategisch specialist Ron Ben-Yishai van de nieuwswebsite Ynet wist deze week zelfs al te melden welk aanvalsplan Israël wil volgen. Dat bestaat uit drie stappen: het leger moet snel in de Gazastrook doordringen, het gebied in tweeën splitsen en delen bezetten. Deze strategie moet voorkomen dat Hamas en de Islamitische Jihad een psychologische overwinning behalen en ervoor zorgen dat ze zo snel mogelijk om een staakt-het-vuren zullen smeken.

Derde partij

Maar wat de situatie echt zou verbeteren is een overeenkomst tussen Israël en Hamas. Een derde partij is nodig om deze te bereiken omdat beide partijen niet met elkaar praten. Als Hamas het gebruik van vliegers, ballonnen en raketten staakt, kan Israël beginnen met de heropening van Kerem Shalom voor goederenvervoer in beide richtingen. Dan kan Israël helpen de kwaliteit van het drinkwater in Gaza te verbeteren en de elektriciteitstoevoer naar het gebied vergroten. Nu hebben Palestijnen ongeveer vier uur stroom per dag.

Maar er is meer nodig. Het is in Israëls belang de economische situatie in Gaza drastisch te verbeteren. In regeringskringen is er ook bereidheid dat te doen. Bijvoorbeeld door Gaza een haven te geven op een kunstmatig eiland voor de kust, zoals de minister van Transport, Yisrael Katz, heeft voorgesteld. Een andere mogelijkheid is Gaza een zeeverbinding te geven via Cyprus. Daar moeten dan de veiligheidscontroles plaatsvinden, om te voorkomen dat Hamas wapens invoert om Israel aan te vallen. Verder kan Israël meer Palestijnen toestemming geven de Gazastrook te verlaten om medische zorg te ontvangen. Ook kan Israël Palestijnen weer toestemming geven in Israël te werken.

Maar Israël stelt ook voorwaarden. Het land wil dat Hamas de vermiste soldaten en twee krijgsgevangenen teruggeeft. Ook wil Israël dat Hamas zijn pogingen staakt Israël aan te vallen. Hamas stelt daar weer tegenover dat Israël gevangenen moet vrijlaten die betrokken waren bij terreuraanvallen. Ook is Hamas niet bereid de wapens op te geven.

De banier van Allah over heel Palestina

Sjeik Achmed Yassin richtte Hamas in december 1987 op na het uitbreken van de eerste Palestijnse opstand. De beweging komt voort uit de fundamentalistische moslimbroederschap, die in 1929 in Egypte werd opgericht.

Hamas ziet geen plaats voor Israël. In haar handvest staat dat de organisatie ernaar streeft om „de banier van Allah over elke centimeter van Palestina uit te strekken.” Hamas gelooft in de eenstaatoplossing, waarbij die staat een islamitisch karakter zal hebben.

De beweging richtte in 1992 een militaire arm op. Deze voerde zelfmoordaanslagen uit in Israël op bussen, restaurants, winkelcentra en andere plekken in het land, waarbij tal van Joodse en Arabische Israëliërs het leven verloren.

De snelle groei van Hamas is te danken aan zijn sociale activiteiten. Veel tot armoede vervallen Palestijnen raakten afhankelijk van de gezondheidszorg, beroepsopleidingen en allerlei liefdadigheidsinstellingen van de beweging.

In 2007 nam Hamas in de Gazastrook de macht over van de Palestijnse Fatahbeweging. Sindsdien heeft er drie keer een militaire confrontatie plaatsgevonden tussen Israël en Hamas, waaronder burgers zwaar leden. In de verpauperde Gazastrook heeft Hamas miljoenen dollars gespendeerd aan de voorbereidingen van oorlogen tegen Israël. Oorlogen die het niet kan winnen.

Hamas blijft populair

Ondanks het feit dat bijna de helft van de bevolking in Gaza werkloos is, er periodieke oorlogen plaatsvinden waar vooral de burgers de dupe van worden en de bevolking vrijwel is afgesloten van de buitenwereld, blijft Hamas er vrij populair.

Uit recent onderzoek van het Palestijnse Centrum voor Beleid en Onderzoek in Ramallah van dr. Khalil Shikaki blijkt dat Fatah 39 procent van de stemmen zou krijgen bij parlementsverkiezingen en Hamas 32 procent. Bij presidentsverkiezingen zou Ismail Haniyah van Hamas 46 procent van de stemmen krijgen en huidig president Mahmud Abbas van Fatah 47 procent.

Voor de problemen in Gaza acht volgens hetzelfde onderzoek 38 procent van de Palestijnen Israël verantwoordelijk, 26 procent de Palestijnse Autoriteit en Abbas en slechts 20 procent Hamas.

Volgens insiders heeft Hamas zijn steun ook nog steeds te danken aan de impopulariteit van de Palestijnse Autoriteit. Tachtig procent van de ondervraagden gelooft dat die corrupt is.

==>> Op de verbrande akkers van kibboets Nahal Oz. 

Beeld: Israël legt een ondergrondse barrière aan langs de Gazastrook tegen de tunnels van Hamas. © Alfred Muller 

 

%d bloggers liken dit: