Van Sheba naar Jeruzalem

Een belangwekkende expositie over oude koninkrijken in Zuid-Arabië

Museumdirecteur Amanda Weiss (l) en haar stiefmoeder Batya Borowski ( r ). De vader van Batya Borowski, Zacharia Jamil, werd in Jemen geboren. In de expositie zijn voorwerpen uit de collectie van Batya Borowski te zien. Foto: Bijbellandenmuseum.

Een nieuwe expositie in het Bijbellandenmuseum in Jeruzalem werpt licht op de oude koninkrijken in Zuid-Arabië en de geschiedenis van de Jemenitische Joden. De tentoonstelling ”Jemen. Van Sheba naar Jeruzalem” is het hele jaar te zien.

In het zuidelijk gedeelte van het Arabisch schiereiland bevonden zich verschillende koninkrijken, die door karavanen in verbinding stonden met Israël, Egypte en Mesopotamië. Belangrijke producten uit Arabië waren mirre, balsem en wierookhars.

Marib

Het koninkrijk van Sheba is het oudste koninkrijk dat prominent werd in Zuid-Arabië. De bloei was te danken aan de grote dam bij de hoofdstad Marib, waardoor er genoeg water was om honderden hectares land te irrigeren.

De route van Zuid-Arabië naar Juda was ongeveer 2400 kilometer. Maar vaak werden de specerijen al verkocht aan tussenhandelaren voordat ze hun gebied bereikten. De meeste tussenpersonen woonden in het noordwesten van Arabië, zoals de bewoners van Yayma en Dedan, en in latere periodes de Nabateeërs.

Fragment van een inscriptie in Oud-Zuid-Arabisch met de naam van de functionaris Yithaʿkarib, die verantwoordelijk was voor het onderhoud van wegen in het koninkrijk van Sheba. Foto: Bijbellandenmuseum/Moshe Caine.

Koningin

Curator dr. Yigal Bloch van het Bijbellandenmuseum geeft aan dat er geen wetenschappelijke aanwijzingen zijn dat het koninkrijk van Sheba werd geregeerd door een koningin. Koninginnen zaten wel op de troon in rijken in het noordelijk deel van Arabië. „Er zijn honderden namen van koningen gevonden in Zuid-Arabië, maar niet van koninginnen. Koninginnen kwamen wel voor in Noord-Arabië rond 750 voor Christus.”

Bekend is de geschiedenis in 1 Koningen 10 van de koningin van S(c)heba, die een bezoek bracht aan koning Salomo, die regeerde van 965 tot 932 voor Christus. Ze bracht specerijen, goud en edelstenen mee. In het oude Assyrië zijn inscripties gevonden die deze voorwerpen ook noemen. Assyrische koningen kregen in de achtste en zevende eeuw voor Christus bezoek uit Zuid-Arabië van bewoners die deze giften meebrachten.

Bloch vertelt dat het idee dat de vorstin uit Ethiopië kwam afkomstig is van de Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus (ca. 37-100). „Hij begreep dat de koningin een beroemd persoon moest zijn uit een beroemd koninkrijk. Het koninkrijk Sheba bestond in zijn tijd, maar het was klein en onbelangrijk. Ethiopië en Egypte waren in zijn tijd echter van betekenis, dus hij verbond de koningin daarmee. Het Ethiopische koninklijk huis heeft een traditie die zegt dat hun leden van de koningin afstammen, maar deze traditie dateert uit de middeleeuwen.”

Potscherf uit Juda met ingegraveerde letters in het Zuid-Arabisch. Hieruit blijkt dat er contacten bestonden tussen Juda en Zuid-Arabië.

Himyar

Na Sheba kwamen de koninkrijken van Ma’in, Qaaban en Hadhramaut op. In de eerste eeuw voor Christus werden de machthebbers van het koninkrijk van Himyar de baas. De groeiende macht van Himyar was te danken aan het toenemende belang van de zeeroutes tussen Zuid-Arabië en het Romeinse Rijk.

Himyar slaagde erin Sheba en andere koninkrijken te onderwerpen. Elk koninkrijk had zijn eigen god. De machthebbers in Himyar begrepen dat één godsdienst de politieke eenheid zou bevorderen. Onder invloed van Joden in Himyar adopteerden de koningen het monotheïsme aan het einde van de vierde eeuw. Toen de islam in de zevende eeuw zijn intrede deed, bestond monotheïsme dus al.

Vanaf de derde eeuw voor het begin van de jaartelling begon de bloei van het Nabatese koninkrijk, met als hoofdstad Petra in het huidige Jordanië. Het koninkrijk strekte zich uit van het zuiden van het Arabisch schiereiland tot de Negev en Gaza. Vanuit Gaza werden de specerijen naar verschillende bestemmingen langs de Middellandse Zee verscheept.

Nabatese schaal. Foto: Israëlische Oudheidkundige Dienst/Yael Yolovich.

Collectie

Het museum heeft een groot aantal voorwerpen bijeengebracht voor de expositie. Deze zijn afkomstig uit de collectie van het Bijbellandenmuseum zelf en uitgeleend door het Israël Museum, de Israëlische Oudheidkundige Dienst en particulieren. Uit de voorwerpen blijkt dat in Arabië een hoge cultuur werd bereikt. Kunstenaars maakten grafstenen met namen van overledenen, sieraden en allerlei voorwerpen, die vaak een cultische functie hadden. Kunstenaars maakten munten naar het voorbeeld van Atheense munten.

Inscripties waren veelal in Oud-Zuid-Arabisch, een taal die slechts een beperkt aantal geleerden machtig is. In de voorwerpen zijn namen gegraveerd. Een tablet met een Zuid-Arabische inscriptie noemt de naam van een hoge functionaris in Sheba die naar verre oorden reisde, waaronder „de steden in Juda.”

Beeld bovenzijde pagina: Grafsteen met een symbolische afbeelding van een man. @ Bijbellandenmuseum/Moshe Caine.

Dit artikel werd ook gepubliceerd in het Reformatorisch Dagblad.


image001.png

Jemima is een christelijke organisatie die zich richt op het verlenen van zorg aan mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking in Bethlehem. Maakt u dit mede mogelijk?

www.jemima.nl


avivlogo-klein1

Aviv Ministry in Tel Aviv helpt daklozen, drugs- en alcoholverslaafden en prostituees. Wij zorgen voor basisbehoeften. Ons voornaamste doel is om hen op het goede spoor te krijgen en te werken aan lichamelijk en geestelijk herstel in gebroken levens.

Aviv Ministry