In Zijn voetsporen

David Pileggi gelooft dat het belangrijk is dat gelovigen de plaatsen bezoeken waar Jezus woonde, waar koning David zijn psalmen schreef en waar Jeremia zijn profetieën uitsprak. “Bij het rondreizen wordt het geloof levend. Het zien van de plaatsen helpt de mensen enorm als ze de Bijbel lezen.”

Pileggi begon in 1994 met het rondleiden van groepen. Bovendien was hij directeur van Shoresh Tours. Dat is een reisbureau dat zich specialiseert in de studie van de Joodse achtergronden van het christelijk geloof. Vandaag is hij rector van de Anglicaanse Christ Church in Jeruzalem. Als voorganger van deze oudste protestantse kerk in het Midden Oosten heeft hij niet veel tijd meer groepen rond te leiden, maar hij doet het nog wel “bij gelegenheid”.

Overweldigd

“Normaal gesproken voelen mensen zich geestelijk gezien overweldigd”, weet hij uit ervaring. “Daarom zouden christenen indien mogelijk twee, drie of vier keer moeten komen. Niemand kan in één reis absorberen wat het heilige land te bieden heeft. Het is te veel. Mensen hebben een gevoel van verwondering, van verbazing. Dit uit zich in diverse emoties. Ze zijn vaak zeer opgetogen. Ze gaan ‘s avonds voldaan naar bed en de volgende ochtend vragen ze zich af wat de nieuwe dag zal brengen.”

Pileggi heeft gezien dat een reis vaak diepgaande invloed heeft op een mensenleven. Dat komt omdat pelgrims bij Shoresh leren over de Joodse context van het evangelie. “Ze krijgen onderwijs over de wereld van Jezus. De gids analyseert enkele onderwijzingen van Jezus. Mensenlevens veranderen als mensen begrijpen wat Jezus zegt en wat Hij van ons vraagt. Ze zien hun geloof in de context van het Joodse volk en het judaïsme. We kijken ook naar het Joodse volk om te zien wat zij goed doen en wat wij ervan kunnen leren. Ze zien hoe dat volk trouw gebleven in de poging de geboden uit de Schrift te vervullen.”

ALMU20110114_3764 - Version 2.jpg

Vooroordelen

Pileggi zegt dat het belangrijk is dat protestanten hun vooroordelen laten varen als ze de traditionele heilige plaatsen betreden. Ze staan oog in oog met katholieke of orthodoxe gebruiken. “We houden misschien niet van de manier waarop deze plaatsen eruit zien. Maar voor miljoenen christenen wereldwijd hebben ze een bijzondere betekenis. Ze vinden deze plekken mooi. We moeten hier tolerant zijn.”

Christenen bouwden in het verleden kerken op heilige plaatsen om een praktische reden. Deze boden namelijk bescherming tegen de regen en de hete zon. Honderd jaar geleden kwamen de mensen niet met een bus met airconditioning. Ze vertrokken niet na twintig of dertig minuten. Hij wijst er ook op dat heilige plaatsen ‘heilig’ zijn omdat mensen op die plaats baden.

Op de heilige plaatsen kunnen bezoekers leren over theologie en de geschiedenis. Ze kunnen er zelfs leren over de Joodse wortels van het christelijk geloof. Hij noemt als voorbeeld de iconen waarop Jezus afdaalt in de Jordaan. Jezus bevindt zich op het water, Johannes op het droge. “Hieruit zien we het Joodse verstaan van de doop, namelijk dat mensen zichzelf onderdompelen.”

Nederige houding

Christenen die Israël en de Palestijnse gebieden bezoeken dienen zich tegenover de plaatselijke bevolking en tegenover het conflict tussen Israëliërs en Palestijnen bescheiden op te stellen. “Ze moeten ook niet totaal voor de ene partij kiezen en suggereren dat alleen de Israëliërs dan wel de Arabieren fout zijn en alle problemen veroorzaken. Als een pelgrim met een nederige houding komt kan hij naar manieren zoeken om verzoening en vrede te bevorderen.”

Hij raadt christelijke groepen aan contact te zoeken met organisaties die werken op het gebied van wederzijds begrip en verzoening. En als ze met organisaties werken die pro-Israel dan wel pro-Palestijns zijn, dan dienen deze “op geen enkele wijze de vruchten van bitterheid, haat of verdeeldheid met zich mee te dragen.”

Christenen hebben volgens Pileggi ook een speciale verantwoordelijkheid jegens Arabische christenen en messiasbelijdende Joden. “Daarbij hebben wij een unieke relatie met het Joodse volk. Om tussen al deze groepen een juiste balans te vinden is niet altijd gemakkelijk.”

ALMU20110114_3696

Pelgrimage toen en nu

In de afgelopen 2000 jaar hebben christenen de plekken waar volgens de overlevering belangrijke bijbelse gebeurtenissen plaatsvonden, in ere gehouden. Na de bekering tot het christendom van keizer Constantijn in de vierde eeuw nam de pelgrimage naar deze plaatsen een hoge vlucht. Bovendien werden er prachtige kerken gebouwd.

Christenen baden en overdachten de bijbelse verhalen op deze plekken. Ze voegden op deze wijze de waarneming bij het geloof. De herinnering aan de daden van Jezus, aan zijn dood en opstanding, zou de steun krijgen in iets tastbaars en zichtbaars.

Tot op de dag van vandaag gaat de pelgrimage door. Het aantal toeristen dat Israel en de Palestijnse gebieden vorig jaar bezocht, bereikte met 3,5 miljoen een hoogtepunt. Van hen zei 38 procent dat het belangrijkste doel pelgrimage was. Met hun reis helpen ze ook de Israëlische en Palestijnse economie een handje. Duizenden immers werken in de toeristische sector.

Sommige protestantse en evangelische christenen kijken raar op als ze de heilige plaatsen betreden. Ze komen in aanraking met vormen van het christendom waarmee ze niet bekend zijn. Sommigen gebruiken zelfs denigrerende termen als “circus” of “ kermis”. Maar wat ze daarmee vooral te kennen geven is hun eigen onkunde aangaande andere christelijke tradities.

Een goede gids en reisleider zullen de protestanten helpen door het onbekende heen te zien en het waardevolle te ontdekken in andere tradities. Op deze wijze kunnen christenen boeiende informatie ontvangen over de Bijbelse tijd en de kerkgeschiedenis. Bovendien kunnen ze er lessen leren die relevant zijn voor het geestelijk leven van vandaag.

%d bloggers liken dit: