Met de tram door Jeruzalem

Op het perron staan meisjes folders uit te delen. “Kom wees de eerste!”, staat erop. Op de binnenzijde een kaartje met de namen van de 23 haltes over een lengte van ruim dertien kilometer van noord naar west.

Al bellend rijdt hij voor ons langs. Met een schok komt het gevaarte tot stilstand. Ik druk op het knopje, de deuren floepen open en ik druk me tussen de medepassagiers.

In de tram blijken zich complete families te hebben verzameld. Niemand wil dit missen. Voor de ouders is dit een mooie kans om hun kinderen bezig te houden in deze lange zomervakantie.

Daar rijden we al. Orthodoxe passagiers stappen in bij de orthodoxe wijken. Palestijnse passagiers lezen de Arabische foldertjes die ze hebben gekregen. In de tram geeft het electronische bord in het Hebreeuws, Arabisch en Engels aan hoe het volgend station heet.

Gratis

Dit is een historische dag voor Jeruzalem. Na acht maanden proefritten te hebben gemaakt, neemt Citypass vandaag voor het eerst passagiers mee. Dat gebeurt zes jaar na oorspronkelijk gepland. De rit duurt van het begin tot het einde een uur en tien minuten, en niet ruim een half uur zoals mij destijds werd beloofd door mensen van het openbaar vervoer. Voorlopig is het tramvervoer gratis.

Ik stap uit bij het station “Damascuspoort” en neem een kijkje bij de Oude Stad. Als ik na een tijdje weer terug ben op het station, klinkt een stem uit de luidsprekers: “Geef eerst de mensen de kans uit te stappen voordat u instapt. Dank u.”

Deze keer verschijnt er een propvolle tram. In de Jaffa straat staan op elk perron massa’’s mensen te wachten. Heel Jeruzalem lijkt te zijn uitgelopen. “Over vijf minuten komt er weer een tram”, hoor ik uit een luidspreker. Sommigen besluiten op de volgende te wachten. Maar zal die minder vol zijn?

Kinderziektes

Het systeem blijkt nog kinderziektes te hebben. Het grootste probleem is dat er te weinig trams rijden. De bedoeling was dat er elke drie minuten een zou verschijnen, maar in de praktijk komt hij elke tien tot twaalf minuten. Ook zijn de verkeerslichten nog niet goed afgesteld. Deze springen namelijk nog niet direct op rood voor de auto’’s en op groen voor ons.

Na de Machane Yehuda markt wordt het ritje minder plezierig. De tram blijft staan. “We hebben een technische storing”, zegt een stem uit het plafond. Even daarna valt de airconditioning uit. Ik voel de temperatuur elke tien, vijftien seconden met een graad stijgen. Ramen open gooien gaat niet. Een oud mannetje probeert de knop van de deur, maar deze geeft geen respons. Gelukkig slaat de airco na een minuut of wat weer aan. “Daar gaan we weer”, laat de trambestuurder vrolijk weten.

Ik besluit bij de volgende halte uit te stappen en de oude vertrouwde bus naar huis te nemen – waar vandaag beduidend minder passagiers in zitten dan anders.

%d bloggers liken dit: