Raadsels onthuld door wetenschap

Waarom wordt je schaduw groter naarmate je dichter bij de lichtbron staat? Waarom kan de jachtluipaard harder lopen dan andere dieren? Wanneer bedriegen onze ogen ons en waarom? Hoe past Israël moderne technieken toe bij waterbeheer? Voor deze uiteenlopende vragen kunnen toeristen en Israëli’s terecht in het Bloomfield Wetenschap Museum in Jeruzalem.

Een wetenschapsmuseum, dat is wat we hier nodig hebben, dacht professor Peter Hillman in de jaren tachtig. Hij bekeek vele musea in de wereld en richtte een comité op. In 1992 was Israëls eerste wetenschapsmuseum een feit. Het doel is de wetenschap en de technologie dicht bij jong en oud te brengen, zodat burgers beter gaan beseffen dat deze deel uitmaken van de menselijke cultuur. Ook beoogt het museum scholieren te interesseren voor wetenschap en technologie.

Samenwerking

Het museum werd opgericht in nauwe samenwerking met de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem en de Jerusalem Foundation, twee instituten die nu nog steeds met het museum verbonden zijn. Het museum werd ook mogelijk gemaakt door de support van de Canadese familie Bloomfield.

Het museum maakt gebruik van de kennis van wetenschappers van de Hebreeuwse Universiteit en andere wetenschappelijke instellingen in Israël. Verder kunnen er maximaal zeventig studenten voor circa tien uur per week werken. Het museum zelf heeft veertig mensen in dienst, zowel fulltimers als parttimers.

Het museum trekt jaarlijks 250.000 bezoekers. Daarvan zijn 70.000 tot 80.000 schoolkinderen en tieners in de leeftijd van 6 tot 18 jaar. Sommige projecten doen Arabische en Joodse kinderen samen.

Ingang.
Kinderen bij de ingang. Foto: Bloomfield Wetenschap Museum.

Informatiebalie

Het gebouw bevindt zich naast de campus Givat Ram van de Hebreeuwse Universiteit. Medewerkers bij de informatiebalie vertellen gezinnen wat ze kunnen doen. Bepaalde exposities zijn geschikt voor kleuters, andere voor kinderen of volwassenen. Wie een bezoek tot zijn recht wil laten komen, doet er goed aan er zeker drie uur voor uit te trekken.

De bijschriften bij de exposities zijn in het Hebreeuws, Engels en Arabisch. Ongeveer een derde deel van de scholieren is Arabisch. Ook ultraorthodoxe Joden bezoeken het museum. Het museum heeft zelfs een speciaal boekje voor hen, zonder foto’s maar met tekeningen.

Orthodoxe Joden blijken in toenemende mate geïnteresseerd in een baan in de samenleving naast de studie van de Thora. Velen van hen voelen zich aangetrokken tot de technologische sector.

Anders dan in andere musea, mogen hier kinderen en volwassenen de dingen zo veel aanraken als ze maar willen. Ook fotograferen is toegestaan. Want het uitgangspunt is: aanraken, doen en leren.

Fairs en wedstrijden

Kinderen kunnen ook twee keer per week drie uur terecht voor buitenschoolse activiteiten. Het doel is kunst, wetenschap, technologie, vernieuwing, creativiteit en vakmanschap te integreren en anderen er kennis mee te laten maken. Inmiddels zijn er in het gebouw verschillende markten geweest. De Europese Unie sponsort het project Engineer. In het kader van dat programma heeft het museum tien lessen ontworpen voor basisscholen in Israël en in Europese landen.

Een jaarlijks Israëlisch project is de wedstrijd voor jonge wetenschappers en projectontwikkelaars. Honderden doen eraan mee, maar slechts 45 tot 50 deelnemers bereiken de finale. De projecten hebben te maken met technologie, computer-, natuur-, bio- en milieuwetenschappen, geschiedenis en sociale wetenschappen. Het museum stelt de projecten van de finalisten tentoon in het museum. De winnaars worden bekend gemaakt tijdens een feestelijke ceremonie in de Knesset in maart. Ze doen vervolgens mee aan competities in het buitenland.

Blauw licht.
De ‘Blauwe stenen’ vormen een speelse ontdekkingstocht voor kleinere bezoekers. Foto: Avi Hayun

Exposities

In het Bloomfield museum zijn twaalf exposities te zien. Elk jaar sluit het instituut enkele exposities af, terwijl het vervolgens andere opent. Een tentoonstelling die momen teel veel belangstelling trekt, is Illusies. Illusies ontstaan als wat we waarnemen afwijkt van de werkelijkheid. Bij de expositie leren de bezoekers spelenderwijs over de werking van onze hersenen.

Bijzonder leuk ook is de afdeling voor computerwetenschappen. De expositie gaat in op overeenkomsten en verschillen tussen de computer en de menselijke hersenen. Spelenderwijs ontdekken we bij de expositie Captcha wat een algoritme is en hoe we daar dagelijks mee te maken hebben. Moeilijker wordt het als bezoekers keuzes kunnen maken: welk schilderij is door een computer gemaakt en welk door een Israëlische kunstenaar? Ook is het niet eenvoudig te horen welk muziekstuk door een componist is gemaakt en welk muziekstuk door een computer geschreven.

De tentoonstelling De machine van binnen: bio-mechanica is eveneens een interactieve tentoonstelling voor alle leeftijden. Deze show is gewijd aan de vraag hoe technologische vooruitgang is bevorderd door goed naar de natuur te kijken. De Zwitserse technoloog George de Mestral ontdekte de methode nadat hij in 1941 met zijn hond thuiskwam van een tocht door de natuur. Hij zag dat zaden bleven hangen aan de vacht van zijn hond. Hij legde deze onder de microscoop en ontdekte honderden haakjes, waardoor het zich aan ander materiaal kon vastmaken. Dat stelde de industrie in staat klittenband te maken, waarmee mensen twee materialen aan elkaar kunnen hechten om bijvoorbeeld een tas te sluiten.


image001.png

Jemima is een christelijke organisatie die zich richt op het verlenen van zorg aan mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking op de Westbank.

www.jemima.nl


 

 

%d bloggers liken dit: