Het Magdala dat Maria kende

MAGDALA. Archeologen hebben de plaats gevonden die het Bijbelse Magdala zou kunnen zijn. Bijzonder is dat er op de locatie resten van een synagoge uit de tijd van Jezus zijn gevonden.

Ten noorden van Tiberias liggen de ruïnes van het Migdal Nunia, ofwel de Vistoren. De Griekse naam voor de plek is Taricheae, wat ”gezouten vis” betekent. De vissers zoutten de vissen mogelijk bij de toren in. Op deze wijze konden zij de vissen langer bewaren. Dat was hard nodig, want in de zomer lopen de temperaturen in het gebied makkelijk op tot een graad of 40.

Het stadje werd vanaf de vierde eeuw voor Christus bewoond. Het bereikte zijn bloei in de eerste eeuwen van de jaartelling. Het bleef bestaan tot de middeleeuwen, al was het toen minder groot.

In de tijd van het Nieuwe Testament bestond de bevolking van Magdala, net als van andere steden aan de noordzijde van het Meer van Galilea, uit religieuze Joden.

De inwoners visten op het Meer van Galilea en ze bebouwden het vruchtbare land in de buurt. In de tijd van Jezus was Magdala een belangrijke plaats die zich uitstrekte over een afstand van zeker een kilometer langs het meer.

Ereplaats

Uit deze plaats moet Maria van Magdala, ook wel Maria (van) Magdalena of –in het Hebreeuws– Mirjam uit Migdal, afkomstig zijn geweest. In westerse kerken zegt men dat ze een publieke vrouw was, maar oosterse kerken geven haar een ereplaats.

Lukas vermeldt dat ze werd bevrijd van zeven demonen. Ze diende Jezus met eigen bezittingen. Johannes schrijft dat zij op de paasmorgen als eerste bij het lege graf was en dat Jezus aan haar verscheen. Ze gaf het grote nieuws onmiddellijk door aan de apostelen. Daar heeft ze in de oosterse kerken de titel ”apostel aan de apostelen” aan te danken.

De inwoners van het dorp deden mee aan de opstand tegen de Romeinen in de jaren 66 tot 70. Dat kwam hun duur te staan. Mensen die op boten het meer op vluchtten werden gedood. Anderen vluchtten naar de bergen of naar het gehelleniseerde Tiberias, een paar kilometer verder naar het zuiden.

Opgravingen

Franciscanen begonnen in de jaren zeventig van de vorige eeuw opgravingen in het oude stadscentrum van Magdala. In de afgelopen jaren verrichtten de universiteit van Mexico en de Israëlische Oudheidkundige Dienst er verder archeologisch onderzoek.

Het team vond resten van een groot gebouw met rituele baden. De vondst bevestigt dat hier orthodoxe Joden woonden. Ook ontdekten de onderzoekers een marktplein.

Gebouw met rituele baden.
Gebouw met rituele baden.

In 2009 vond de Oudheidkundige Dienst naast de markt resten van een kleine synagoge. Deze synagoge zou een gebedshuis kunnen zijn dat zowel Jezus als Maria Magdalena heeft bezocht. Hier is namelijk een munt gevonden van Herodes Antipas de Viervorst uit het jaar 29, de tijd van de Heere Jezus.

Het gebouw bestond volgens de Oudheidkundige Dienst uit een vestibule, een grote kamer en een kleine kamer waarin Joden mogelijk de boekrollen bewaarden.

Het dak van het gebouw steunde op een aantal pilaren waarop fresco’s waren aangebracht in de kleuren donkerrood, mosterdgeel en blauw, omgeven door zwarte en witte randen.

Het lijkt erop dat het plafond was gemaakt van houten balken en mortel en werd afgedekt door wit stucwerk. De vloer bestond uit aangestampte aarde. Een vloermozaïek werd niet afgemaakt. Mogelijk kregen de bewoners daar geen kans toe vanwege de aanval van de Romeinen.

Menora

In de synagoge hebben de onderzoekers een bijzondere vondst gedaan: een versierde stenen tafel van ongeveer 50 centimeter hoog waarin een beeldhouwer aan vijf zijden afbeeldingen heeft aangebracht. De steen had mogelijk vier kolommen waarin Joden boekrollen konden bevestigen.

Een van de afbeeldingen op de tafel is de menora. Opvallend is dat de zevenarmige kandelaar er anders uitziet dan die op de Titus’ triomfboog in Rome.

De armen van de menora in Rome zijn rond en de voet bestaat uit treden. De armen van de menora van Magdala zijn recht en de voet bestaat uit een driepoot. De zevenarmige kandelaar uit Magdala zou de originele afbeelding zijn. De bewoners kwamen namelijk geregeld in Jeruzalem. De stenen tafel diende om de thorarol op te plaatsen.

De stenen tafel is om veiligheidsredenen verwijderd door de Oudheidkundige Dienst. In Magdala is nu een replica te zien. Als het project af is, komt de originele steen terug.

De zevenarmige kandelaar van Magdala.
De zevenarmige kandelaar van Magdala.Pasen

Magdala Centrum

Om de synagoge heen zal de lobby van een hotel worden gebouwd. Aan de bouw van het hotel is reeds een begin gemaakt, maar de fondsen ontbreken momenteel nog om het nu al af te maken.

Dit ‘Notre Dame Du Lac Hotel’ moet deel gaan uitmaken van het  Magdala Centrum.

Het centrum krijgt verder een archeologisch park, een multimedia centrum, een centrum voor vrouwen en jongeren en het geestelijk centrum Duc in Altum.

Het Magdala Centrum wordt een uitbreiding van het pauselijk Notre Dame centrum in Jeruzalem. Paus Johannes Paulus II gaf in 2004 het management aan de katholieke groep Legionairs van Christus.

In 2004 werd het idee geboren een centrum bij Magdala op te richten. Tussen 2006 en 2009 kochten de Legionairs verschillende stukken land. In hetzelfde jaar begon de bouw, nadat paus Benedictus XVI tijdens zijn reis naar het heilige land de hoeksteen zegende.

Het ruim acht hectare grote Magdala Centrum moet straks enkele honderden banen bieden, gastvrijheid aan pelgrims verlenen en een plek vormen voor interreligieuze en oecumenische ontmoetingen. Ook is het de bedoeling dat het centrum cursussen gaat bieden voor katholieke geestelijken en leken.

Duc in Altum in het Magdala Centrum.
Duc in Altum in het Magdala Centrum.

Duc in Altum

Het geestelijk centrum ‘Duc in Altum’ ( ‘Ga naar het diepe gedeelte’  – naar Lukas 5:4) is al klaar. Het staat naast het hotel dat in aanbouw is en vlakbij de opgravingen in Magdala.

Het centrum is gewijd aan vrouwen en de evangeliedienst van Jezus en eigendom van de Legionairs van Christus. De kosten zijn betaald uit donaties.

Het dak van het ronde gedeelte achter de ingang wordt gedragen door 9 pilaren, waarvan acht genoemd zijn naar vrouwen die het Nieuwe Testament noemt. De negende is gewijd aan de ‘onbekende vouw’. Deze staat voor alle vrouwen die pilaren zijn in eigen families. De kleuren zijn dezelfde als die de archeologen vonden in de synagoge.

Op het plafond is een afbeelding te zien van een biddende vrouw, die is ontleend aan de Maagd van Guadalupe in Mexico. Aan weerszijden zijn vier kleine kapellen, met muurschilderingen van nieuwtestamentische gebeurtenissen waarin vrouwen een rol spelen.

Wie in de grote zaal zit, kijkt uit op een model van een vissersboot en daarachter het Meer van Galilea. Aan de wanden hangen schilderijen van de twaalf apostelen, inclusief van Judas Iscariot, hoewel hij geen halo om zijn hoofd heeft.

Op een lagere verdieping is nog een zesde ontmoetingsruimte. Anders dan in de andere vijf ruimtes mogen protestantse groepen hier het heilig avondmaal vieren. Alle niet-katholieken zijn echter welkom de andere delen te bezoeken en daar na te denken over de Bijbelse verhalen.

In het geestelijk centrum Duc in Altum.
In het geestelijk centrum Duc in Altum.
%d bloggers liken dit: